fbpx

Giulio Cesare in Parijs

Wanneer de opera Giulio Cesare van Händel wordt opgevoerd in Parijs, voel ik me als Egyptoloog en liefhebber van Händels muziek, die Parijs beschouwt als één van zijn favoriete bestemmingen, bijna verplicht om de voorstelling bij te wonen. Hoewel ‘verplicht’ natuurlijk een ietwat te beladen woord is wanneer het gaat over dingen die je met plezier doet.

Hindernissenparcours

Enkele dagen voor mijn vertrek werden België en een deel van het noorden van Frankrijk, waaronder Parijs, bedekt onder een sneeuwtapijt. Het was in onze streek alvast van 2013 geleden dat er nog zoveel sneeuw was gevallen én blijven liggen, en dat ging de volgende dagen dan ook met de (on)nodige chaos gepaard. Zo ook op de dag van mijn vertrek.

Sneeuw

Voor mijn vertrek vanuit Brussel-Zuid had ik een ruime marge van meer dan twee uur ingecalculeerd. Deze voorzorgsmaatregel was het resultaat van tientallen jaren ervaring met het openbaar vervoer, vooral bij winterse omstandigheden zoals sneeuw. Het bleek een verstandige beslissing te zijn, aangezien de trein naar Brussel al met een vertraging van een half uur vertrok.

Tijdens de reis ontving ik een e-mail van Eurostar met het nieuws dat mijn geplande trein naar Parijs was geannuleerd! Dat zorgde even voor wat stress, maar gelukkig was ik ruimschoots op tijd en kon ik nog plaats bemachtigen op een eerdere Eurostar. Hierdoor kwam ik uiteindelijk zelfs een uur eerder dan gepland in Parijs aan. Dit gaf me de mogelijkheid om wat extra tijd te besteden aan het verkennen van de omgeving rondom het hotel.

Voor de volgende ochtend had ik een bezoek aan het beroemde Père Lachaise kerkhof op mijn planning gezet. Ik had gehoopt om er de graven van beroemde componisten als Chopin, Rossini en Cherubini te bezoeken, maar ook die van Edith Piaf, Maria Callas en natuurlijk dat van Jean-François Champollion, de man die de sleutel tot het Oudegyptische hiërogliefenschrift vond. Helaas viel dat plan in het water -of moet ik zeggen ‘in de sneeuw’- want het kerkhof was door de sneeuw van enkele dagen eerder om veiligheidsredenen gesloten. Maar ach, dat geeft me dan weer een ‘excuus’ om nog eens naar Parijs terug te keren 🙂.

Het volgende op mijn planning was een bezoek aan het Musée de la Vie Romantique, een klein, aangenaam museum dat tijdens de 19de eeuw een ontmoetingsplaats voor schilders, schrijvers en musici. De schrijfster George Sand was er, samen met Frédéric Chopin, een zeer regelmatige gast aan huis en je kan nu -kopieën van- haar juwelen bewonderen, samen met een afgietsel van Chopin’s linkerhand.

Giulio Cesare in Parijs

Het doel van deze korte uitstap naar Parijs was echter Giulio Cesare, een opera in drie aktes van Händel, los gebaseerd op de aankomst van Julius Caesar in Egypte, wat meteen zorgt voor enkele intriges, verraad en natuurlijk beantwoorde en onbeantwoorde liefde.

Het podium was voor deze opvoering ingericht als de reserves van een museum, waar de historische figuren tot leven komen. A Night At The Museum, zeg maar, waarbij figuranten, de ene keer als museum medewerkers, de andere keer als achtergrondfiguren, de decorstukken aanbrengen of weghalen waardoor de verschillende scènes naadloos in elkaar overvloeien. En het mag gezegd worden, met gedetailleerde kopieën van Oudegyptische en Romeinse kunstwerken of van schilderijen die taferelen uit het leven van Caesar en Cleopatra voorstelden, was er werk gemaakt van het decor. Een knipoog naar Händel, wanneer men ook één van zijn schilderijen ten tonele bracht, werd door het publiek zeer gewaardeerd.

Zelf kon ik met moeite een lach bedwingen wanneer men voor de ‘urne’ van Pompeius een prehistorische Oudegyptische vaas -voor de kenners, van het Nagada type- gebruikte, een type vaas dat in de tijd van Caesar al enkele duizenden jaren uit de mode was. Maar ik kan me voorstellen dat men bij de allereerste uitvoeringen, in de tijd van Händel zelf, wel wat meer dergelijke foutjes maakte en uiteindelijk gaat het in de eerste plaats natuurlijk om de muziek.

De 'entrée' van Cleopatra
De 'entrée' van Cleopatra, schitterend vertolkt door sopraan Lisette Oropesa.(Foto; Facebook pagina van Lisette Oropesa)

En die muziek, die was schitterend. Nee, niet alleen omdat ik een boontje heb voor muziek van Händel, want ook mooie muziek kan slecht gebracht worden, maar vooral omwille van de meeslepende uitvoering. Je kon moeilijk onberoerd blijven wanneer Cornelia, de weduwe van Pompeius, haar droeve lot bezingt terwijl haar zoon, Sextus, zweert om zijn vader te wreken, of wanneer een speelse Cleopatra haar broer, Ptolemaios (XIII), met wie ze in een machtsstrijd verwikkeld zit, uitdaagt. Ondanks een toch wel oncomfortabele zitplaats heb ik van de eerste noot tot de laatste genoten van deze opera. Het daverende applaus en de “bravo’s” die volgden op bijna elk aria en zeker na de finale, gaf aan dat ik niet de enige was voor wie het een geslaagde avond was. 

Toch wel effe deze tip voor wie in het Palais Garnier een opera wil bijwonen. Vermijd de zitjes op de uiteinden van de rijen. Dat zijn smalle, harde en oncomfortabele klapstoeltjes en de stewards laten je buiten wachten tot je rij volzet is vooraleer ze je plaats laten nemen. Maar ze kosten wel even veel als de veel betere zetels erlangs.